In memoriam Hans Opschoor

classroom-1699745_640Op maandag 4 mei overleed de econoom Hans Opschoor, bijna 82 jaar oud. Vanaf de jaren 70 speelde hij een belangrijke rol in het denken over een duurzame en rechtvaardige economie. Ook voor het Platform Duurzame en Solidaire Economie was hij een belangrijk bondgenoot.

Hans studeerde economie in Rotterdam, maar raakte via het werk van Bob Goudzwaard al snel geïnteresseerd in de externe effecten van de economie, en hij promoveerde in 1974 dan ook aan de VU op een proefschrift met de titel ‘Economische waardering van milieuvervuiling’. Hij werd hoogleraar aan de VU en aan het ISS in Den Haag, waar hij later ook rector werd. Hij muntte de term ‘milieugebruiksruimte’ om duidelijk te maken dat er maar een beperkte marge is voor het gebruik van natuurlijke hulpbronnen.
Naast zijn wetenschappelijke werk was Hans ook maatschappelijk zeer actief, bijvoorbeeld als voorzitter van de werkgroep Nieuwe Levensstijl, in de Stichting 2% voor steun aan de vakbond CLAT in Latijns-Amerika, in de nationale Raad van Kerken en in de Wereldraad van Kerken, maar ook in VN-verband: hij speelde een belangrijke rol bij de Conferentie van Rio in 1992. En de afgelopen jaren was hij nog actief voor de Grootouders voor het Klimaat en aanwezig bij demonstraties van Extinction Rebellion.

In 1989 publiceerde Hans het boek ‘Na ons geen zondvloed’, dat eigenlijk nog steeds actueel is, niet alleen vanwege de titel. Na een weergave van de problemen waarvoor de samenleving staat, beschreef hij welke veranderingen nodig zijn in onze kijk op de wereld en onze plaats daarin, en in de instituties en politieke structuren. Realisatie zou niet eenvoudig zijn, en waarschijnlijk pas echt een kans krijgen als ‘de [bestaande] belangen zelf tot in hun wezen geraakt worden door de milieucrisis’. Op dat moment moet je mobiliserend op kunnen treden. ‘Het gaat er dus om, reeds nu zo intensief als mogelijk is, te zoeken naar modellen voor (en strategieën op weg naar) een duurzaam ecologisch inpasbare samenleving in een zo gaaf mogelijke biosfeer’. Dat is nog steeds waar, zoals ook Elon Musk zich een eerdere quote uit dat boek uit 1989 aan mag trekken: ‘Eerder dan een project: “De mens op Mars”, is er behoefte aan een project: “De mens blijvend op aarde”.’

Vanuit het Platform Duurzame en Solidaire Economie hebben we vaak met succes een beroep op Hans kunnen doen. Zo was hij actief betrokken bij verschillende conferenties van het PDSE. In een panel bij de conferentie in Antwerpen in 2009 pleitte Hans al voor rechten voor toekomstige generaties en voor andere soorten (dan de mens). In Tilburg in 2010 leidde hij een workshop ‘Economie en Conflictbeheersing’, waarin ook een artikel van hem besproken werd met de titel ‘Onduurzaamheid als structureel intergenerationeel geweld’. Ook nam hij deel aan expert meetings over mondiale bestaanszekerheid en over economie en vrede.

In 2018 organiseerde het PDSE een expert meeting voor het CBS, nadat het PDSE kritiek had geuit op de indicatoren die het CBS in de Monitor Brede Welvaart gebruikte voor de categorie ‘Elders’; dat zijn indicatoren die (moeten) weergeven welke invloed Nederland heeft op de ontwikkelingsmogelijkheden van vooral arme landen. Hans zat de bijeenkomst voor, en was ook intensief betrokken bij de voorbereiding; zijn connecties met het ISS zorgden voor de locatie van de bijeenkomst. Overigens stond onze kritiek op die indicatoren in de Monitor van vorig jaar nog recht overeind.

Samen met Jan Pronk en Nico Schrijver ondersteunde Hans met een formele verklaring het project ‘Footprint Justice’ van het PDSE. Die verklaring bleek o.a. belangrijk voor onze samenwerking met MEGA (Mobilizing an Earth Governance Alliance), de internationale samenwerking van vele organisaties op VN-niveau, waar ook PDSE nu lid van is. We hopen via die weg verder te komen met ‘Footprint Justice’.

Niet alleen inhoudelijk, ook op menselijk niveau was het altijd een genoegen met Hans samen te werken. Wij zullen, net als veel anderen, hem dan ook zeer missen.