Tijd voor een nieuwe ‘New Deal’

Algemene Inleiding door Susan George, Fellow Trans National Institute
(Conferentie van Tilburg, 10 januari 2008)

classroom-1699745_640De eerste uitvoerige toespraak komt van Susan George. Zij is vooral bekend geworden als medeoprichtster van Attac, de beweging voor eerlijker globalisering. Ook is zij fellow van het Amsterdamse Trans National Institute (TNI).
Van oorsprong Amerikaanse is ze in Frankrijk al jaren bezig met het formuleren van economische kritiek en alternatieven. In haar Engelstalige toespraak van drie kwartier roert ze een aantal belangrijke thema’s aan. Naast de crisis in de mondiale financiële markten, is dat met name de huidige discussies omtrent klimaatverandering en wat er ondernomen zou moeten worden om die onder controle te krijgen.

Haar toespraak is gebaseerd op een eerdere die ze in september in Washington hield. Maar haar bijdrage in Tilburg bevatte ook veel nieuwe elementen die meer op de specifieke inhoud van Tilburg toegesneden waren. Hieronder een weergave – geen letterlijke – van de toespraak.

Susan George begint met te benadrukken dat ze het onderwerp van de conferentie erg belangrijk vindt. Het onderwerp is echter ook heel breed, eigenlijk gaat het over alles. Een van haar toespitsingen is daarom te verklaren dat er dringend behoefte is naar alternatieven op het gebied van economisch meten. Als we de indicator BBP (* zie debat economen) blijven aanhouden zal er geen goed beeld komen van de ontwikkeling van de economie, noch van de noodzakelijke oplossingen. Als het voornaamste doel is dat die BBP moet groeien, is daarvoor bijvoorbeeld de beste oplossing: meer oorlog, meer ziektes, meer criminaliteit etcetera, want die veroorzaken allemaal extra uitgaves die het BBP doen stijgen. We meten dus niet wat we zouden moeten meten.

Susan George gaat nog verder door te stellen dat de conventionele economie in feite als geheel ongeschikt is voor deze tijd: “klassieke economen tellen alleen uitgaven bij elkaar op“. De werkelijkheid is veel complexer en als alle factoren meegewogen worden, kom je op heel andere statistieken terecht. Misschien blijkt dan dat we al lang van het scherm afgeschoten zijn. Daar komt bij dat als het gaat om natuur, je met heel andere waarden moet meten wat betreft tijd en ruimte. Het kost in de natuur misschien een dag om een hectare bos om te hakken, maar 400 jaar om die bomen weer op te laten groeien. Dat is een hele andere tijd. En zo is het ook met ruimte: je kunt natuur niet zien als iets dat je simpelweg kunt gebruiken voor de economie. Zo denken bepaalde producenten bijvoorbeeld over afval als iets dat je ergens “weg kunt gooien“. Maar we leven allemaal in dezelfde biosfeer, er is helemaal geen “weg”, op een gegeven moment kom je het weer tegen. De economie moet binnen die ene beschikbare biosfeer passen, maar we zijn nu met z’n allen bezig om uit die gezamenlijke biosfeer te knappen. Al deze elementen zouden meegenomen moeten worden bij economische besluiten, en dus moet je meetmethodes hebben die daarvoor geschikt zijn.

Voor de nabije toekomst zijn met name twee zaken volgens George heel belangrijk: ‘Global finance‘ en de ‘financiële roekeloosheid‘ nu er steeds meer sprake is van die neoliberale droom van een volledig ‘vrije’ markt. Dat zag je ook in de taal van de Europese grondwet, die gelukkig verworpen is door de bevolking van Nederland en Frankrijk en waarin de economie steeds weer als ‘free’ en ‘unhindered’ werd beschreven.
En ten tweede de ecologische crisis.
En hoe die twee met elkaar samenhangen. Het gaat niet langer meer om het perspectief van het verbeteren van de wereld door anders consumeren en dergelijke, zoals ons steeds voorgehouden wordt. Het gaat echt niet helpen als iedereen spaarlampen gaat gebruiken. Niet dat het niet belangrijk is, maar als oplossing is het achterhaald, het gaat niet snel genoeg. Lokale initiatieven zijn niet genoeg, we moeten ‘groter denken’.

We moeten dus ook kijken naar het niveau van bestuur/regering en naar het kapitalistische systeem als geheel. Een van de meest prangende vragen daarbij is of het mogelijk is de aarde te redden met behoud van dat roofzuchtige kapitalisme, dat immers maar op één ding gericht is, namelijk winst maken en zich altijd alles wil toe-eigenen. Meestal is haar antwoord daarop “nee, dat kan niet”. Maar dat antwoord biedt weinig hoop, dat zou betekenen dat er geen oplossing is en ze wil daarom nadenken over haalbare fundamentele veranderingen.

Er is op dit moment geen meerderheid voor een antikapitalistische revolutie, geen voorhoede als een politieke partij met heel veel leden die een fundamenteel alternatief wil en ook geen sluitend blauwdruk voor een alternatief systeem. Op zich is het goed dat er geen dogmatische blauwdrukken meer zijn, maar vervelend is wel dat er ook geen aansprekend alternatief voor het kapitalisme bestaat. Dus blijft de vraag wat we aanmoeten met 1) bestuur/regering en 2) economie als we een ‘nieuwe ecologische orde’ willen bereiken.

1) Bestuur/regering
De burgers lopen meestal vooruit op hun regeringen. Deze conferentie is ook weer een goed voorbeeld daarvan. De hamvraag is niet hoe we afkomen van politici die verkeerd beleid hebben uitgevoerd om die te vervangen door nieuwe. In de praktijk doen die hoofdzakelijk hetzelfde als hun voorgangers, want ze zitten gevangen in een keurslijf dat wordt bepaald door het systeem, de sterke lobby van bedrijven etc. We moeten ze ervan overtuigen dat ze andere keuzes moeten maken, ecologische waarden laten prevaleren en aantonen dat dat voor hen ook politiek wat oplevert. Als activisten en experts moeten we pacten sluiten met lokale en landelijke en internationale politici die hebben laten zien dat ze die kant opwillen. We moeten dan bereid zijn om ze in ruil aan te prijzen als politici die steun waard zijn. George spreekt de hoop uit dat de aanwezigen op deze conferentie dit proces in gang zullen zetten. Daarbij is het nodig om grote (brede) netwerken te ontwikkelen en “groot te denken, politieke folklore is niet genoeg“.

2) Economie
Op gebied van economie haalt Susan George het boek ‘Collapse’ van de (overigens omstreden, verslaggever) Amerikaanse antropoloog Jared Diamond aan. In dat boek beschrijft Diamond volgens George hoe bepaalde samenlevingen de elite die de macht had zo ver afstond van de burgers dat ze door konden gaan met een verspillend systeem terwijl de ecologie dat al lang niet meer toestond. We moeten niet alleen over armoede en de armen praten, maar ook over de rijken en wat zij met hun rijkdom doen. George wijst naar het 11e World Wealth Report van Merill Lynch. Volgens dat rapport zijn er 9,5 miljoen mensen op aarde met meer dan een miljoen dollar aan beschikbare (investeerbaar, dus niet vastgelegd in grond of iets dergelijks) rijkdom. Samen bezitten die het bedrag van 37 triljoen (dat is twaalf nullen) dollars. Dat is drie keer het BBP van Europa of de VS. En in 2011 zal hun bezit gestegen zijn naar 50 triljoen dollars. Er zijn 974 miljardairs die samen 3,5 triljoen dollar bezitten. Als die mensen niets doen, groeit dat kapitaal alleen maar. Als een miljonair zijn bezit belegt tegen vijf procent rente, krijgt die er per dag 173.000 dollar bij. We kunnen ze vriendelijk vragen om wat leuks te gaan doen, maar dat zal in de meeste gevallen niet helpen. Dus moeten er betere belastingsystemen komen om deze geldbellen af te romen.

Maar ze herinnert zich nog het tijdperk van voor de Tweede Wereldoorlog en hoe de crisis toen bestreden werd met de voorstellen van de econoom Keynes en de New Deal. Toen was daar brede steun voor, ook onder de zakenmensen, die er bijvoorbeeld eer in zagen om opgenomen te worden in de selecte categorie van de “Dollar a Year Men”, die in ruil voor hun inzet het symbolische loon van een dollar per jaar ontvingen. Deze mensen hadden grote prestige. Dat moeten we weer zien te ontwikkelen, maar dan op ecologisch gebied.

De subprime crisis van nu begint steeds meer te lijken op die van 1929 en zal ook naar Europa overslaan. Daar komt bij dat we tegenwoordig ook nieuwe middelen nodig hebben om de economie te kunnen bijsturen. We moeten de economie daarom ombuigen in de richting van een ecologische economie, met eco-vriendelijke productie. Overheid en zakenleven zouden daartoe de handen ineen moeten slaan, en dat levert dan goede banen op die in het belang van de arbeiders zijn. Voor zo’n project zal brede steun van de bevolking zijn, zoals tijdens de Tweede Wereldoorlog. Het zal dan ook mogelijk zijn om financiering hiervoor te vinden, de partij die hiermee de verkiezingen ingaat wordt immers heel populair. “It’s a public relations dream.

We hoeven echter geen medestand te verwachten van de Europese Centrale Bank. Wat een neoliberale instelling is. De omslag kan wel gefinancierd worden door de 15 landen van de Eurogroep, zeg de kern-EU (in feite zijn 8 a 9 landen al genoeg). Ook daarom is het volgens Susan George heel goed geweest dat de Nederlandse en Franse kiezers de Europese grondwet af zijn blijven wijzen.

Het Zuiden moet natuurlijk ook een flinke rol krijgen in dit geheel, daar heeft ze genoeg ideeën over, maar daarvoor is even geen tijd tijdens deze toespraak.

Hoe dan ook zullen er “brede allianties” gevormd moeten worden, want elke groep alleen kan een crisis van deze omvang echt niet oplossen, die kan niet eens zijn eigen problemen alleen oplossen. Vijf jaar geleden zou ze dit misschien niet gezegd hebben, geeft ze toe, maar ze vindt dat deze allianties gesloten moeten worden “zelfs met mensen waar we maar in zeer geringe mate overeenstemmen”. We moeten zoeken naar gemeenschappelijk belangen, bijvoorbeeld dat we de planeet willen behouden. Ook de grote bedrijven zullen mee moeten doen, ze hebben immers ook belang bij het behoud van het klimaat. Technisch en politiek (bijvoorbeeld op het gebied van belastingsystemen) is het allemaal goed mogelijk, het probleem is om bedrijfsleven en politici zo ver te krijgen dat ze meedoen. Belangrijk blijft echter te beseffen dat kapitalisme geen ‘normaal’ of ‘gezond’ systeem is dat rekening houdt met de toekomst. Dat is niet zo, en het kan ons daarom ook niet beschermen. Daarvoor hebben we wetten nodig en dus politieke krachten, en moeten we ook een beroep doen op menselijke motivatie, zoals toen met de “Dollar a Year Men”.

“We zouden bijvoorbeeld naar het World Economic Forum toe moeten gaan met een speciale ridderorde, inclusief een bijbehorend embleem. En dan moeten we proberen de verlichte zakenmannen te overtuigen daarvan lid te worden, van iets als de “Environmental Knights” of ziets …, droomt Susan George hardop.

Op dat moment wordt ze gemaand de toespraak te beëindigen. Later zal ze nog aan het woord komen als ze commentaar mag geven op het debat onder economen dat op haar toespraak volgt.